CE-markering bij eigen machines: wat moet je regelen?
Zelf een machine bouwen of ingrijpend aanpassen? Dan gelden de regels van de Machinerichtlijn. Zo pak je risicobeoordeling en CE-markering correct aan.
Eigen machine, eigen verantwoordelijkheid
Stel: je productiebedrijf bouwt een aanvoerband op maat, of je past een bestaande freesmachine aan om een nieuw product te kunnen maken. Praktisch gezien logisch. Juridisch gezien ben je op dat moment ineens fabrikant, en gelden alle verplichtingen uit de Machinerichtlijn 2006/42/EG.
Dit raakt meer bedrijven dan verwacht. Niet alleen machinebouwers, maar ook productiebedrijven die hun eigen lijn aanpassen, of onderhoudstechnici die een veiligheidssysteem vervangen door iets anders. De grens ligt bij ‘ingrijpende wijziging’: zodra je een machine wezenlijk verandert, moet je het hele CE-traject opnieuw doorlopen.
In dit artikel lees je wat dat concreet betekent: welke stappen je moet zetten, welke documenten je nodig hebt en waar het het vaakst misgaat.
Wat de Machinerichtlijn van je vraagt
De Machinerichtlijn 2006/42/EG geldt voor machines die op de Europese markt worden gebracht of in gebruik worden genomen. Een machine die je intern bouwt en zelf gebruikt, valt er ook onder. Er zijn vier verplichtingen die je niet kunt overslaan.
1. Risicobeoordeling
Alles begint met een risicobeoordeling. Je brengt systematisch in kaart welke gevaren de machine met zich meebrengt: bewegende delen, elektrische spanning, heet oppervlak, lawaai, vallend materieel. Per gevaar beoordeel je hoe groot de kans op een incident is en hoe ernstig de gevolgen kunnen zijn.
De uitkomst van de risicobeoordeling bepaalt welke beheersmaatregelen je neemt. De richtlijn schrijft een volgorde voor: eerst technische maatregelen (afscherming, vergrendeling), dan organisatorische maatregelen, en pas als laatste persoonlijke beschermingsmiddelen. Documenteer elke stap. Een mondelinge bespreking is niet voldoende.
2. Technisch dossier
Naast de risicobeoordeling stel je een technisch dossier samen. Dit is de complete technische onderbouwing van de machine: tekeningen, berekeningen, gebruikte normen, testresultaten, schema’s van de besturing en een beschrijving van de werking.
Het dossier hoeft niet bij een instantie ingediend te worden, maar moet op verzoek van de toezichthouder (de Nederlandse Arbeidsinspectie) beschikbaar zijn. Bewaar het minimaal tien jaar na de laatste productie of ingebruikname.
3. EG-verklaring van overeenstemming
Als de machine voldoet aan alle essentiële veiligheids- en gezondheidseisen uit de richtlijn, stel je een EG-verklaring van overeenstemming op. Dit is een juridisch document waarop jij als fabrikant verklaart dat de machine aan de richtlijn voldoet. Er staat je naam op, de machinebeschrijving, de toepasselijke normen en een handtekening van een bevoegde persoon binnen je organisatie.
Pas daarna mag je de CE-markering aanbrengen. De markering zelf is dus het sluitstuk, niet het startpunt.
4. Gebruikershandleiding
Elke machine moet vergezeld gaan van een gebruikershandleiding in de taal van het land van gebruik. In Nederland dus in het Nederlands. De handleiding beschrijft het beoogde gebruik, de veiligheidsvoorschriften, het onderhoud en de resterende risico’s. Dit laatste punt vergeten veel bedrijven: ook risico’s die je niet volledig kunt wegnemen, moet je benoemen.
Wanneer is een wijziging ‘ingrijpend’?
Dit is het meest gehoorde struikelblok. Je vervangt een aandrijving door een krachtigere motor, je voegt een extra bewerking toe aan een bestaande lijn, of je past de besturing aan. Is dat ingrijpend?
De vuistregel: een wijziging is ingrijpend als de risico’s erdoor veranderen op een manier die de oorspronkelijke risicobeoordeling niet dekt. Wordt de machine sneller, zwaarder, heter of krachtiger? Worden bestaande beveiligingen omzeild? Dan moet je opnieuw door het CE-traject.
Gaat het alleen om een vervanging van een identiek onderdeel (zelfde specificaties, zelfde functie), dan is dat regulier onderhoud. Goed bijhouden wat je wanneer hebt aangepast is daarvoor essentieel. Veel productiebedrijven in de industrie gebruiken daarvoor een gestructureerd systeem, zodat iedere wijziging traceerbaar is. Op de onderhoudspagina van Simpelkeuren zie je hoe je onderhoudshistorie per machine digitaal bijhoudt, inclusief wie wat heeft gedaan en op welke datum.
Geharmoniseerde normen: gebruik ze
De Machinerichtlijn beschrijft wat er moet, maar niet altijd hoe. Daarvoor zijn geharmoniseerde normen: Europese NEN-EN-normen die invulling geven aan de essentiële eisen. Als je een norm volgt die in het Publicatieblad van de EU staat, mag je ervan uitgaan dat je aan de bijbehorende eisen voldoet. Dit heet het vermoeden van overeenstemming.
Relevante normen zijn onder andere NEN-EN ISO 12100 (risicobeoordeling en risicovermindering voor machines) en NEN-EN 60204-1 (elektrische uitrusting van machines). Voor specifieke machinetypes bestaan type C-normen met nog concretere eisen.
Controleer altijd of de norm die je gebruikt de actuele versie is. Normen worden herzien, en een verouderde versie biedt niet altijd de bescherming die je denkt.
Wat gaat er in de praktijk mis?
De meest voorkomende fouten zijn:
- De risicobeoordeling is opgesteld na de bouw, niet tijdens het ontwerpproces. Daardoor zijn aanpassingen achteraf kostbaar.
- Het technisch dossier is onvolledig: tekeningen zijn aanwezig, maar berekeningen en testresultaten ontbreken.
- De EG-verklaring noemt geen normen, of verwijst naar normen die niet van toepassing zijn op de machine.
- Na een ingrijpende wijziging is geen nieuwe CE-procedure gevolgd, terwijl de machine al jaren in gebruik is.
Bij een arbeidsongeval of een controle door de Arbeidsinspectie kan dit ernstige gevolgen hebben: boetes, stillegging van de productie, of aansprakelijkheid als er schade is.
Keuringen na ingebruikname
CE-markering regelt de ingebruikname. Maar daarna begint de beheerfase. Het Arbobesluit (art. 7.4a) verplicht werkgevers om arbeidsmiddelen periodiek te laten keuren. Voor elektrische machines geldt daarnaast NEN 3140, die jaarlijkse keuringen voorschrijft in industriële omgevingen.
Ook voor zelfgebouwde machines moet je keuringstermijnen vastleggen, keuringen documenteren en bevindingen opvolgen. Bedrijven in de industrie die dit gestructureerd willen aanpakken, vinden op de branchepagina voor industrie meer informatie over hoe andere productiebedrijven dit inrichten.
Begin met de risicobeoordeling, niet met de markering
De CE-markering is zichtbaar op de machine, maar het echte werk zit in de stappen ervoor. Een gedegen risicobeoordeling, een volledig technisch dossier en een correcte EG-verklaring zijn de basis. De markering volgt vanzelf.
Wil je ook de keuringen en het onderhoud van je machines na ingebruikname goed inregelen? Maak een proefaccount aan en bekijk hoe je dat digitaal en traceerbaar organiseert. Of plan een persoonlijke demo als je liever eerst je situatie bespreekt met een expert.
Klaar om je materieel op orde te brengen?
Maak een proefaccount aan en ontdek hoe Simpelkeuren bij jouw bedrijf past.